Kinderopvang en onderwijs: modellen van samenwerking en pedagogische innovatie belicht

Een meervoudige casestudie naar aanleiding van de fusie kinderopvang en onderwijs in Tilburg en De Kempen

Kinderopvang en onderwijs: modellen van samenwerking en pedagogische innovatie belicht voorzijde
Kinderopvang en onderwijs: modellen van samenwerking en pedagogische innovatie belicht achterzijde
  • Kinderopvang en onderwijs: modellen van samenwerking en pedagogische innovatie belicht voorkant
  • Kinderopvang en onderwijs: modellen van samenwerking en pedagogische innovatie belicht achterkant

Willeke van der Werf is sinds 2007 werkzaam op het gebied van kinderopvang. Zij werkt op het snijvlak van beleid, onderzoek en praktijk en heeft een achtergrond in de Sociale Wetenschappen (Arbeid- en Organisatiesociologie). Zij werkte als senior beleidsmedewerker bij o.a. het ministerie van OCW en SZW, aan de harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzalen (Wet OKE) en onderwijsachterstandenbeleid (VVE). Zij was betrokken bij de Europese werkgroep voor de ontwikkeling van het EU Quality Framework for Early Childhood Education and Care (ECEC) en de OECD-monitoring van ECEC. Paul Leseman studeerde psychologie (major) en linguïstiek (minor) aan de Universiteit van Amsterdam en was daarna werkzaam als onderzoeker bij de Rotterdamse Schooladviesdienst en de Erasmus Universiteit. Hij promoveerde in 1990 (cum laude) aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op een proefschrift over de structurele en pedagogische determinanten van schoolloopbanen. Van 1990-1995 was hij postdoctoraal onderzoeker in het kader van het Programma Academieonderzoekers van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen. Van 1994 tot 2002 werkte hij als hoofdonderzoeker en docent in de pedagogische wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Van 2000-2003 was hij visiting scholar aan de Freie Universität Berlin, afdeling Kleinkindpädagogik. Sinds 2003 is hij hoogleraar orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht. Hij was wetenschappelijk directeur van het Langeveld Instituut voor pedagogisch en onderwijskundig onderzoek (2004-2009), voorzitter van het Department Pedagogische en Onderwijskundige Wetenschappen (2005-2009), en voorzitter van de nationale onderzoeksschool voor de pedagogische wetenschappen ISED (2010-2012). Hij was leider van de nationale cohortstudie pre-COOL naar de langetermijneffecten van voorschoolse opvang en educatie op de ontwikkeling van kinderen (2009-2022), wetenschappelijk coördinator van het Europese FP7 project CARE (Curriculum and Quality Assessment and Impact Analysis of European Early Childhood Education and Care; 2014-2016) en het Europese Horizon 2020 project ISOTIS (Inclusive Education and Social Support to Tackle Inequalities in Society; 2017-2019), en mede-projectleider van het EU Horizon 2020 project L2TOR naar het gebruik van sociale robots als meertalige taaltutoren voor jonge kinderen (2016-2018). Hij is betrokken bij de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang (LKK; 2017-2027) en mede-projectleider van het cohortonderzoek EVENING (2019-2024) naar de effecten van voorschoolse educatie. Daarnaast is hij lid van de wetenschappelijke adviesraad van het Centre for Evaluation and Monitoring (CEM) van Durham University (sinds 2015), lid van de wetenschappelijke adviesraad van de Bamberg University Graduate School of Social Sciences (BAGSS; sinds 2015), lid van de wetenschappelijke adviesraad van het Leibniz-Institut für Bildungsverläufe (LIfBi; sinds 2017), lid van de OECD Technical Advisory Committee bij de TALIS en Starting Strong Staff Surveys (sinds 2016), lid van de internationale review commissie van het Noorse pedagogische en onderwijskundige onderzoek (UTDEVAL; 2016-2018), en adviseur van UNESCO met betrekking tot curriculum en pedagogiek van vroege opvang en educatie (sinds 2022). Publicaties betreffen o.m. vroege taalontwikkeling en meertaligheid, ontluikende geletterdheid en gecijferdheid, ontwikkeling van executieve functies, zelfregulatie en creativiteit, effecten van voor- en vroegschoolse interventieprogramma’s, en geletterdheid van adolescenten.

Lees verder
Specificaties
ISBN/EAN 9789085604457
Auteur Willeke van der Werf
Uitgever SWP, Uitgeverij B.V.
Taal Nederlands
Uitvoering Paperback / gebrocheerd
Pagina's 80
Lengte 300.0 mm
Breedte 215.0 mm
De vorming van kindcentra, integrale kindcentra en andere vormen van samenwerking van kinderopvang en primair onderwijs is een onmiskenbare trend. Met deze trend zijn er kansen voor fundamentele pedagogische, didactische en sociale vernieuwing. Kinderopvang, zowel voorschools als buitenschools, is complementair aan het onderwijs en kan vanuit de eigen unieke positie bijdragen aan de brede ontwikkeling en persoonsvorming van kinderen op gebieden waarvoor het onderwijs capaciteit en expertise tekort komt. Kindcentra kunnen zich ontwikkelen tot buurtcentra en de spil zijn van een netwerk van voorzieningen voor verschillende groepen burgers in de wijk. Maar er zijn nog veel hobbels. De wet- en regelgeving voor kinderopvang en onderwijs verschilt fundamenteel, evenals de sturingsfilosofieën, fiscale regiems en CAO’s. De verschillen tussen de werksoorten kunnen bij integratieprocessen spanning geven. Toch zetten veel organisaties voor kinderopvang en onderwijs de samenwerking al in gang en zijn er al verschillende voorbeelden van geslaagde integratie. Wat kan hiervan worden geleerd? Hoe kunnen institutionele en professionele barrières worden overwonnen? Zijn er veranderingsstrategieën die kansrijker zijn dan andere? Deze vragen stonden centraal in een meervoudige vergelijkende casestudie. Dit boek doet er verslag van. De aanleiding was de bestuurlijke en juridische fusie van een grote maatschappelijke kinderopvangaanbieder met vier besturen voor primair onderwijs in Tilburg en De Kempen. Vertrekkend vanuit organisatiesociologische theorieën zijn de veranderingsprocessen na de fusie beschreven en vergeleken met de veranderingsprocessen die zich al eerder in bestaande, succesvol geïntegreerde organisaties voor opvang en onderwijs hebben voltrokken. Het boek sluit af met een overzicht van de belangrijkste bevorderende en belemmerende factoren en doet, vanuit de organisatiesociologische invalshoek, praktische aanbevelingen aan al wie als bestuurder, toezichthouder, locatieleidinggevende, professional of beleidsmaker betrokken is bij initiatieven om te komen tot diepere samenwerking en integratie van kinderopvang en onderwijs.

Wat vinden anderen?

Er zijn nog geen reviews van dit product.